Iedereen kan op de internetconsultatie reageren tot 4 september 2023. Nog niet duidelijk is wat de gevolgen van de val van het kabinet zijn voor het wetsvoorstel.
In het wetsvoorstel Wet meer zekerheid flexwerkers worden onder andere wijzigingen ten aanzien van de ketenregeling, oproepcontracten en uitzendkrachten voorgesteld.
Ketenregeling
Het doel van de wet is om ‘draaideurconstructies’ te voorkomen. Na drie jaar of na drie tijdelijke contracten bij dezelfde werkgever, heeft de werknemer op basis van de ketenregeling in beginsel recht op een vast contract. Nu mag er een tussenpoos van zes maanden worden aangehouden, waarna de keten opnieuw begint te lopen. Het wetsvoorstel wijzigt deze tussenpoos in een termijn van vijf jaar. De termijn van vijf jaar geldt straks ook bij fase A en B bij uitzenden.
Oproepcontracten
In het wetsvoorstel worden nulurencontracten afgeschaft. Er komen (vaste en tijdelijke) basiscontracten met een minimumaantal uur waarvoor werkenden worden ingeroosterd en betaald krijgen. Ook wordt er een norm gesteld aan de extra beschikbaarheid. Buiten afgesproken werktijden is er geen verplichting om te komen werken. Om werkgevers te stimuleren mensen op een basiscontract te laten doorstromen naar een vast contract, is het voornemen om het basiscontract voor onbepaalde tijd onder de lage WW-premie te brengen.
Uitzendkrachten
Er blijft ruimte voor uitzendwerk, maar uitzendkrachten en werknemers bij hetzelfde bedrijf moeten ten minste hetzelfde verdienen voor hetzelfde werk en gelijkwaardig worden behandeld. Daarnaast worden de meest onzekere uitzendfasen verkort: fase A gaat van 78 weken naar 52 weken en fase B van 6 contracten in 4 jaar naar 6 contracten in 2 jaar.
Uitzonderingen
Er gelden diverse uitzonderingen voor onder andere scholieren en studenten. Zij mogen onder voorwaarden wel op een oproepcontract blijven werken en een tussenpoos van zes maanden aanhouden. Ook als in Fase A of B wordt gewerkt. Ook voor seizoenswerk blijft een uitzondering op de ketenregeling mogelijk.