Home / Nieuws / Aanpassen regels banenafspraak: eenvoudiger aan het werk met een arbeidsbeperking
vrijdag 23 november 2018

Aanpassen regels banenafspraak: eenvoudiger aan het werk met een arbeidsbeperking

Staatssecretaris Van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft op 20 november een tweetal brieven naar de Tweede Kamer gestuurd over de banenafspraak. Het gaat om de Kamerbrief Uitwerking breed offensief om meer mensen met een beperking aan het werk te helpen en de Contourenbrief vereenvoudiging Wet banenafspraak.

Uitwerking breed offensief
In vervolg op de brief van 7 september, waarin de staatssecretaris een breed offensief aankondigde, stelt zij nu een reeks maatregelen en extra investeringen voor om problemen aan te pakken die bij de uitwerking van de banenafspraak gesignaleerd zijn. Met deze plannen zet het kabinet samen met werkgevers, gemeenten en uitvoerders op vier punten stappen voor verbeteringen bij werken met een arbeidsbeperking:

  • Regels worden eenvoudiger voor werkgevers en werkzoekenden
  • (Meer) werken wordt aantrekkelijker
  • Werkgevers en werkzoekenden kunnen elkaar makkelijker vinden
  • Duurzaam werk wordt gestimuleerd.

Voor werkgevers zijn met name de maatregelen rond vereenvoudiging van belang. Het gaat concreet om de volgende maatregelen:
– Vereenvoudigen van het systeem van loonkostensubsidie
– Ondersteunen op maat en een adequate inzet van de jobcoach
– Wegnemen van knelpunten met betrekking tot de no-riskpolis/ziekmelding
– Verkennen aanpassing financieringssystematiek loonkostensubsidie gemeenten
– Benutten van de laagste loonschalen in cao’s
– Vereenvoudigen banenafspraak en quotum (zie contourenbrief).

De staatssecretaris bereidt wijzigingen van wet- en regelgeving voor en er komen werkgroepen met een strakke termijn om de komende maanden een aantal voorstellen uit te werken.

Contourenbrief vereenvoudiging Wet banenafspraak
Als uitgangspunt voor de vereenvoudiging staat in de contourenbrief dat werkgevers meer mogelijkheden moeten krijgen om banen te realiseren voor de doelgroep. Daarom wordt het systeem simpeler voor werkgevers. In dat kader heft Van Ark het onderscheid tussen overheid en markt op, zoals in een motie door de Tweede Kamer is aangegeven. Het doet er dan niet langer toe waar een baan wordt gerealiseerd. Door het onderscheid tussen overheid en markt op te heffen wil men overheidswerkgevers stimuleren via inkoop van diensten extra banen creëren en niet over te gaan tot inbesteding.
De heffing die werkgevers opgelegd kunnen krijgen wanneer de quotumregeling is geactiveerd, wordt vervangen door een bonus-malusregeling. Als de beloofde aantallen banen niet zijn gehaald, betaalt elke werkgever een inclusiviteitsheffing. Voor werkgevers die genoeg extra banen hebben gerealiseerd, is een boete niet terecht. Daarom wil de staatssecretaris tegelijkertijd een individuele bonus introduceren voor werkgevers die wel banen realiseren. De inclusiviteitsopslag en bonus worden zo vormgegeven dat werkgevers die het afgesproken aantal banen realiseren (op basis van het quotumpercentage) netto geen heffing betalen. Werkgevers die geen banen voor mensen met een arbeidsbeperking realiseren, ontvangen geen bonus maar betalen wel de inclusiviteitsopslag. Werkgevers die meer dan het afgesproken aantal banen realiseren, ontvangen juist meer bonus dan ze aan opslag afdragen en gaan er netto op vooruit. Werkgevers kunnen met opdrachtgevers afspreken dat ze (een deel van) de bonus overdragen aan de opdrachtgever voor wie zij de werkzaamheden verrichten. Terwijl deze plannen worden uitgewerkt, wordt de quotumheffing voor de markt- en overheidssector op grond van het huidige systeem opgeschort tot het vereenvoudigingsvoorstel wettelijk geregeld is, of uiterlijk tot 1 januari 2022.
Om te voorkomen dat overheidswerkgevers achterover gaan leunen, wil de staatsecretaris met de minister van BZK afspraken maken over hoe overheidswerkgevers hun verantwoordelijkheid voor hun aandeel in de banenafspraak kunnen nemen. Deze afspraken moeten worden vastgelegd in een concrete werkagenda waarvoor overheidswerkgevers verantwoordelijkheid nemen. Deze werkagenda bevat de activiteiten om te stimuleren en mogelijk te maken dat de extra banen er komen. Ook moet de werkagenda duidelijk maken hoe overheidswerkgevers verder hun inspanningen en resultaten op de banenafspraak inzichtelijk maken.

AWVN vindt
AWVN vindt het positief dat de staatssecretaris de administratieve lasten voor werkgevers aanpakt en de regels vereenvoudigt. Verder is het goed om te kijken naar maatregelen die de samenwerking tussen de overheidssector en de marktsector bevorderen. Dat geldt niet voor het samenvoegen van de taakstelling voor de beide sectoren. Daarmee komen per saldo niet meer mensen aan het werk. Voor de marktwerkgevers betekent de voorgestelde bonus-malusregeling een forse toename van administratieve lasten. Zij moeten jaarlijks gaan controleren of zij de juiste bonus toegekend krijgen. Verder is het onwenselijk als ook werkgevers met minder dan 25 werknemers in dienst nu geraakt worden door de inclusiviteitsheffing. Dit is een even onverwachte als onwenselijke lastenverzwaring is voor MKB-werkgevers. Deze werkgevers waren immers uitgezonderd voor de quotumheffing. Niet duidelijk is waarom zij met de inclusiviteitsheffing te maken krijgen. Het is goed dat de staatssecretaris erop wijst dat overheidswerkgevers niet achterover gaan leunen, maar zij geeft in de brief nog niet aan hoe ze concreet wil bereiken dat overheidswerkgevers nu wel de toegevoegde gaan leveren.