Home / Nieuws / Recht op onbereikbaarheid: inititatiefwetsvoorstel ingediend
vrijdag 24 juli 2020

Recht op onbereikbaarheid: inititatiefwetsvoorstel ingediend

Het initiatiefwetsvoorstel voor Wet op het recht op onbereikbaarheid is afgelopen week ingediend. AWVN vindt de gedachte achter het wetsvoorstel sympathiek, maar vraagt zich af of het wetsvoorstel nodig is.

Door de mogelijkheid om overal te kunnen werken, vervaagt de grens tussen werk en privé. Daar zit ook een keerzijde aan. Werknemers die thuiswerken werken vaker over en werken ook langer door. Bovendien zijn door de komst van de smartphone werknemers op ieder moment van de dag bereikbaar. Door het altijd bereikbaar zijn, staan mensen altijd ‘aan’ en kan stress ontstaan die in sommige gevallen tot burn-out kan leiden. Op dit moment ervaren meer dan een miljoen werknemers stress of burn-outklachten.

Om dit risico te beperken heeft Tweede-Kamerlid Gijs van Dijk op 21 juli 2020 het wetsvoorstel voor de Wet op het recht op onbereikbaarheid ingediend. Het doel van dit wetsvoorstel is dat werkgever en werknemers, als onderdeel van het arbobeleid, het gesprek voeren over de bereikbaarheid buiten werktijd. Dat dit gesprek gevoerd is, moet aantoonbaar zijn – bijvoorbeeld door middel van een schriftelijk verslag. Voorbeelden hiervan kunnen een OR-brief, een teamverslag of persoonlijk verslag zijn.

Als de werkgever het gesprek met werknemers over bereikbaarheid buiten werktijd niet aangaat of de werkgever niet kan aantonen dat het gesprek heeft plaatsgevonden, kan de werkgever een waarschuwing krijgen van de Inspectie SZW. Als, na het ontvangen van deze waarschuwing, er nog steeds geen gesprek plaats vindt of niet kan worden aangetoond dat het gesprek heeft plaatsgevonden, dan kan een boete volgen.

Hoewel de gedachte achter het wetsvoorstel op het recht op onbereikbaarheid sympathiek is, valt op dat de naam ervan enigszins misleidend is. Feitelijk gaat het om een aspect van het reguleren van de werkdruk. Het wetsvoorstel kent de werknemer ook geen recht toe op onbereikbaarheid, maar verplicht werkgevers om het gesprek aan te gaan met werknemers.

Het wetsvoorstel bevat eigenlijk ook geen nieuwe inhoudelijke aspecten. De werkgever moet op grond van de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) zorgen voor goede arbeidsomstandigheden. De werknemer is verplicht om tijdens het werk zorg te dragen voor zijn eigen veiligheid en gezondheid. Eventuele risico’s moeten in de RI&E en plan van aanpak worden opgenomen. Als een werkgever of werknemer dus vindt dat bereikbaarheid buiten werktijd als belastend wordt ervaren, dan moet hij dit op grond van de huidige wetgeving dit feitelijk al signaleren. In die zin voegt het wetsvoorstel op het recht op onbereikbaarheid dus eigenlijk niets toe aan de reeds bestaande verplichtingen van werkgever en werknemer.

Uit de toelichting blijkt de het Kamerlid hoopt dat de in dit wetsvoorstel opgenomen verplichting om een gesprek te voeren over bereikbaarheid en onbereikbaarheid ertoe zal leiden dat er een ontwikkeling in gang wordt gezet die leidt tot een stand der wetenschap ten aanzien van dit terrein. Dit is bijvoorbeeld mogelijk door nadere invulling via arbocatalogi of ontwikkeling van leidraden of handreikingen. Vraag is of hiervoor een wetsvoorstel nodig is.