21 juni 2021

Cao-overleg 2021: hoe staat het met… de RVU-regeling?

Aan het begin van 2021 noemden werkgevers de voorbereiding op duurzaam werk, en daarmee de duurzame inzetbaarheid van medewerkers, als prominent thema. Inmiddels zit de eerste helft van het jaar erop. Hoe loopt het met afspraken over regelingen gebaseerd op de tijdelijke RVU-vrijstelling?

Dit is de vierde en laatste aflevering in een reeks waarin AWVN u meeneemt langs de meest gemaakte afspraken en aansprekende voorbeelden in het eerst halfjaar, in het kader van de tussenvaluatie cao-jaar 2021.
Eerste aflevering: hybride werken
Tweede: crisisclausule en bloeitijdbeding
Derde: duurzame inzetbaarheid

Waarom is voorbereiding op de RVU-vrijstellingsregeling nu een belangrijk thema?

In het Pensioenakkoord van juni 2019 is afgesproken dat werkgevers vanaf 1 januari 2021 geen fiscale strafheffing (RVU-heffing) meer betalen als zij voor werknemers die nog drie jaar of minder moeten werken tot de AOW-gerechtigde leeftijd, een vergoeding verschaffen van 22.164 bruto per jaar (bedrag 2021; wordt jaarlijks geïndexeerd). Dit biedt werkgevers en werknemers de mogelijkheid fiscaal gunstige afspraken te maken over vervroegde uittreding. Het is een tijdelijke regeling die geldt tot en met 2025. Vanwege dat tijdelijke karakter moeten onderhandelaars aan de bak om de regeling uit te onderhandelen en in te voeren. Hoe staat het met deze afspraken?

Wat zien we in cao-afspraken over RVU-regeling?

Sinds de wet die de vrijstelling regelt in werking is getreden, neemt het aantal nieuwe cao’s met een RVU-afspraak snel toe. In 50% van de nieuwe cao’s in 2021 is een RVU-afspraak gemaakt. Het valt op dat het aantal afspraken snel toeneemt: in het eerste kwartaal bevatte 40% van de nieuw afgesloten cao’s een RVU-afspraak, in het tweede 60%.

In één op de drie cao’s (31%) is dat een concrete afspraak om de regeling in te voeren en in de meeste gevallen zijn de kaders van de regeling reeds vastgesteld. In 19% van de nieuwe cao’s is er sprake van een studieafspraak om de voorwaarden nader uit te werken en om te onderzoeken een RVU-afspraak past binnen de situatie van het bedrijf en de budgettaire kaders.

In veel cao’s gaan de afspraken in per 1 januari 2022 vanwege uitwerkingsvraagstukken en voorbereidingstijd. In sommige gevallen is er in 2021 sprake van een pilot, zodat ook dit jaar werknemers van de regeling gebruik kunnen maken. Er zijn ook afspraken gemaakt waarbij de  werkgever geen collectieve regeling aanbiedt, maar dat er op individueel niveau maatwerkafspraken worden gemaakt.

Er is sprake van een grote variëteit in afspraken wat betreft de doelgroep. In veel gevallen is deze verder ingeperkt dan de wet voorschrijft door de doelgroep af te bakenen aan de hand van bepaalde functies in relatie tot zwaar werk, een minimaal aantal dienstjaren, of een kortere looptijd van de tijdelijke RVU-regeling. Ook wordt soms een maximaal budget vastgesteld of een vast aantal beschikbare plekken afgesproken.

Deze afspraken zijn in lijn met het advies van AWVN aan werkgevers om aan de voorkant het probleem, de doelgroep en de mogelijke effecten op de bedrijfsvoering van de RVU-vrijstelling goed in beeld te brengen, en de regeling zo nodig in te perken zodat werkgevers niet worden overvallen door eventueel hoger gebruik en/of kosten.

Veel sectoren zijn bezig afspraken uit te werken voor een aanvraag in het kader van de subsidieregeling MDIEU, Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden. Daartoe worden sectoranalyses uitgevoerd naar knelpunten op het gebied van duurzame inzetbaarheid.

Verruimde mogelijkheden verlofsparen

Sinds 1 januari 2021 is ook de mogelijkheid om verlof te sparen uitgebreid van 50 naar 100 weken. In ruim 10% van de cao’s zijn hier afspraken over gemaakt. Ruim driekwart van deze afspraken zijn studieafspraken. Hierbij wordt vaak ook onderzocht wat de interactie is met bestaande afspraken over een generatiepact en duurzame inzetbaarheid. AWVN signaleert dat de onduidelijkheid over de fiscale regelgeving met betrekking tot verlofrechten het maken van concrete afspraken belemmert.

Wat verwachten we de komende tijd?
AWVN verwacht dat de trend doorzet en dat ook het komende halfjaar veel RVU-afspraken worden gemaakt. In de tweede helft van 2021 worden ook de eerste subsidies vanuit de Maatwerkregeling Duurzame Inzetbaarheid & Eerder Uittreden (MDIEU) uitgekeerd door de overheid, zodat trajecten in sectoren kunnen starten en/of regelingen verder vorm kunnen krijgen.

Daarnaast verwacht AWVN dat mede daardoor de aandacht zal verschuiven naar afspraken over duurzame inzetbaarheid voor alle medewerkers. In de afspraken die nu gemaakt worden, gaat relatief veel aandacht uit naar (knelpunten bij) het werk van oudere werknemers, terwijl er bij de leeftijdscohorten daaronder ook werk te verzetten is om knelpunten in de toekomst te voorkomen.

Daarbij wijst AWVN op twee aandachtspunten. Ten eerste verdient het aanbeveling bestaande DI-regelingen en de nieuwe mogelijkheden voor verlofsparen integraal te benaderen – vanuit het perspectief dat alle werknemers gezond moeten kunnen doorwerken tot de AOW-gerechtigde leeftijd. Dat kan regelingen samenvoegen, aanpassen of (deels) schrappen met zich meebrengen. Ten tweede is het budget een aandachtspunt: de RVU-vrijstellingsregeling en andere seniorenregelingen worden betaald uit de loonruimte en kunnen op gespannen voet staan met investeringen in duurzame inzetbaarheid op de lange termijn.

AWVN verwacht voorts dat eind dit jaar de eerste evaluaties zullen plaatsvinden over gebruik en voorwaarden van de regeling. Dat zal in sommige gevallen leiden tot bijstellingen of aanvullende afspraken.

Deel dit artikel via: Deel dit artikel via Whatsapp Deel dit artikel via Twitter Deel dit artikel via Facebook Deel dit artikel via Linkedin Deel dit artikel via Mail
aanmelden