Logo AWVN
12 maart 2026

Inzicht in onzekere tijden: wat u als werkgever moet weten over de nieuwste CPB-raming

Op 12 maart publiceerde het CPB het Centraal Economisch Plan (CEP) voor 2026. Het CPB geeft hiermee een beeld van de economische ontwikkelingen voor de komende jaren. Belangrijke informatie voor werkgevers, zeker als u zich gaat voorbereiden op de komende arbeidsvoorwaardenonderhandelingen. We zetten de zes belangrijkste conclusies voor u op een rij.

1.  In 2026 en 2027 verwacht het CPB dat de economie in Nederland gematigd blijft groeien, vooral door de stijgende inkomens en de toenemende overheidsbestedingen.
Het economisch beeld is echter zeer onzeker door de gespannen internationale situatie. Dit maakt het lastig om echt goed vooruit te kijken. Zo kan, wanneer de oorlog in het Midden-Oosten lang aanhoudt, de Nederlandse inflatie opgestuwd worden door hogere olie- en gasprijzen en ervoor zorgen dat huishoudens de knip op de portemonnee houden. Dit heeft dan ook impact op de economische groei.

2. Het CPB verwacht dat de loongroei voor de marktsector op jaarbasis verder zal afnemen. Voor 2026 wordt een loongroei van 4% verwacht en voor 2027 een loongroei van 3,5%. Daarmee blijft de loongroei nog steeds op een historisch hoog niveau. De aanhoudende hoge loonstijging verklaart het CPB door aan te geven dat de loonontwikkeling vertraagd heeft gereageerd op de hoge inflatie in 2022 en 2023. Volgens het CPB hebben de lonen de inflatiepiek inmiddels gecompenseerd, waardoor de loonontwikkeling weer een dalende beweging laat zien.

3. De inflatie zal naar verwachting ook verder dalen, naar 2,3% in 2026 en 2,1% in 2027. Dit komt mede door de lagere loongroei, waardoor de diensteninflatie afneemt en de huren minder hard stijgen. Het CPB gaat hierbij echter ook uit van een dalende voedsel- en energie-inflatie. Met name dat laatste is op dit moment echter lastig goed te voorspellen door de oorlog in het Midden-Oosten, waardoor de olie- en gasprijzen langere tijd hoger kunnen uitpakken.

4. De aanhoudend hoge loonstijgingen zorgen ervoor dat de koopkracht in 2026 toeneemt voor alle inkomensgroepen. De mediane koopkracht komt in 2026 volgens het CPB uit op 1,4%. In 2027 zal de koopkracht ongewijzigd blijven, ondanks de stijging van de lonen, door de lastenverzwaring zoals nu opgenomen in het coalitieakkoord. Door wijzigingen in de inkomensbelasting neemt de belastingdruk toe, waardoor het wettelijk minimumloon netto gezien daalt. Daarnaast stijgt het eigen risico van de zorgverzekering, waardoor ook de eigen bijdrage aan zorgkosten zal stijgen. De verschillen tussen inkomensgroepen zijn wel beperkt, maar huishoudens met hoge inkomens en alleenverdieners gaan er relatief meer op vooruit dan andere groepen.

5. De afgelopen jaren is het aandeel mensen dat onder de armoedegrens valt sterk gedaald. In 2026 daalt het armoedecijfer naar verwachting verder naar 2,5%. In 2027 verwacht het CPB dat het armoedecijfer gelijk blijft.

6. De krapte op de arbeidsmarkt en het aandeel zelfstandigen op de arbeidsmarkt is in 2025 afgenomen. Het aantal banen nam toe, maar het aantal gewerkte uren nam juist af. Het arbeidsaanbod zal naar verwachting meer groeien dan de werkgelegenheid, die slechts gematigd zal groeien. Hierdoor loopt de werkloosheid langzaam op tot 4,3% van de beroepsbevolking in 2027.

7. Voor het wettelijk minimumloon kan een voorlopige schatting worden gemaakt voor de reguliere indexatie van het minimumloon per 1 juli 2026. Het uitgangspunt hiervoor is de cao-loonraming voor 2026 uit de CEP en de cao-loonraming voor 2026 uit de MEV van afgelopen september. Dit komt uit op afgerond 2%, wat een stijging van het minimumuurloon van € 14,71 naar ongeveer € 15,01 oplevert, afhankelijk van de afrondingen. Voor het definitieve minimumuurloon per 1 juli 2026 is het afwachten op de officiële bekendmaking van de overheid.

Geopolitieke spanningen maken ramingen onzeker

Een raming is altijd een voorspelling van wat er gaat gebeuren. Hoe goed onderbouwd ook, het blijft belangrijk om ramingen op waarde te schatten. Met de energiecrisis van 2022 nog vers in het geheugen houden economen de oorlog in het Midden-Oosten (en de impact hiervan op de economie) nauwlettend in de gaten. De consensus is dat de stijging van de olie- en gasprijzen een opwaarts effect heeft op onze energieprijzen en daarmee ook op de inflatie. De uiteindelijke impact is echter lastig te voorspellen, omdat dit bijvoorbeeld ook afhankelijk is van de duur van de oorlog.

Het CPB heeft daarom ook verschillende scenario’s belicht, waarbij de uiteindelijke inflatiecijfers in het slechtste scenario in 2026 1,5% hoger uitvallen. Daarmee komen we niet in de buurt van de inflatiecijfers die we ten tijde van de energiecrisis in 2022 kenden. Toch kan de oorlog wel impact hebben op de economische groei, doordat een hogere inflatie zowel bedrijven als huishoudens raakt, maar ook doordat geopolitieke spanningen investeringen van bedrijven op de rem kunnen zetten. De voorspellingen van het CPB zijn dan ook onder enig voorbehoud. Desalniettemin bieden zij wel richting voor wat de toekomst ons waarschijnlijk brengt en bieden de prognoses de nodige input om keuzes en richting te kunnen bepalen.

Deel dit artikel via: