Home / Vraag van de week

Vraag van de week

Logo AWVN-werkgeverslijnWelke maatregelen moet een werkgever nemen bij hitte?

Hoewel Nederland niet bekend staat om zijn tropische temperaturen, begint deze zomer toch behoorlijk tropische vormen aan te nemen. Voor vakantiegangers die in Nederland blijven misschien een cadeautje, maar voor degenen die doorwerken, kan de hitte voor problemen zorgen.

Het Arbobesluit bepaalt dat de temperatuur op de werkplek de gezondheid van werknemers geen schade mag toebrengen. Een maximumtemperatuur wordt echter niet genoemd. Bovendien zegt de temperatuur niet altijd alles over de werkomstandigheden, andere factoren als wind, luchtvochtigheid, kleding en fysieke inspanning spelen ook een rol.

Hoewel er niet zoiets bestaat als een wettelijke maximumtemperatuur, zijn op het Arboportaal wel algemene regels te vinden om te bepalen of de temperatuur te hoog is:

  • Bij temperaturen boven 26˚C is er sprake van extra lichamelijke belasting.
  • Voor licht fysiek kantoorwerk geldt een maximum van 28˚C.
  • Voor intensief lichamelijk inspannend werk – bijvoorbeeld rondlopend werk met matig tillen of duwen, rijden met een vrachtauto en pleisterwerk – geldt een maximum van 26˚C. Zonder voelbare luchtstroom mag het niet warmer zijn dan 25˚C.
  • Voor zeer lichamelijk inspannend werk – bijvoorbeeld met tussenpozen zwaar tillen in combinatie met duwen en trekken, wat bouwvakkers, wegwerkers en hoveniers vaak doen – geldt een maximum van 25˚C. Zonder voelbare luchtstroom mag het niet warmer dan 23˚C zijn.

In bovenstaande gevallen is het van groot belang om na te denken over mogelijke maatregelen. De werkgever kan bijvoorbeeld warmteproducerende machines zo veel mogelijk uitzetten, zonwering gebruiken en voor goede ventilatie zorgen op de werkplek. Werknemers kunnen zelf ook maatregelen tegen de hitte nemen. Denk bijvoorbeeld aan het dragen van luchtige kleding, het dragen van een hoofddeksel en het gebruiken van zonnebrand bij buitenwerkzaamheden.

Het is daarnaast verstandig om afspraken te maken over het werken bij hoge temperaturen, eventueel in overleg met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging. Zo kan bijvoorbeeld een tropenrooster worden afgesproken in overleg met de OR. De arbodienst kan ook advies geven bij werken in de hitte. Als medewerkers dagelijks ‘in de hitte’ werken, dient een dergelijk warmtebeleid aandacht te krijgen in de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Dit beleid moet worden uitgewerkt in een plan van aanpak.