Home / Lagere Aof-premie kleine werkgevers stap dichterbij
donderdag 17 december 2020

Lagere Aof-premie kleine werkgevers stap dichterbij

De lagere Aof-premie voor kleine werkgevers is een stap dichterbij gekomen nu de Tweede Kamer heeft ingestemd met een wetsvoorstel voor wijziging van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv).

Het wetsvoorstel – op 2 september 2020 ingediend – is een onderdeel van eerder gemaakte afspraken over loondoorbetaling bij ziekte. Door het wetsvoorstel gaan kleine werkgevers vanaf 2022 een lagere premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) betalen. Met het wetsvoorstel wil het kabinet kleine werkgevers financieel tegemoetkomen voor de kosten van loondoorbetaling en re-integratie. Dit wordt gerealiseerd door via een gedifferentieerde Aof-premie met een lagere premie voor kleine werkgevers en een hogere premie voor (middel)grote werkgevers

Twee categorieën werkgevers
Het wetsvoorstel onderscheidt twee categorieën werkgevers voor de premiestelling voor het Aof. Dit zijn de kleine werkgevers en overige werkgevers. In het Besluit Wfsv wordt bepaald welke werkgevers worden aangemerkt als kleine werkgevers en welke werkgevers als (middel)groot. De grens tussen kleine en overige werkgevers wordt daarbij vastgesteld op 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer per jaar. De gemiddelde loonsom bedroeg in 2019 € 34.600.

Deze afbakening wordt vanaf 2022 ook voor de Whk-premie (WGA-premie) gebruikt. Dit betekent dat de grens tussen een kleine en middelgrote werkgever van 10 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer (die nu in de Whk wordt gehanteerd) omhoog zal gaan naar 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer.
De indeling naar grootte van de werkgever voor een premiejaar wordt straks ook voor de Aof-premie gemaakt op basis van het totaal van het premieplichtige loon van de werkgever twee jaar eerder (t-2). Dit sluit aan op de systematiek die wordt gehanteerd voor de Whk.

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zal de Aof-premie voor zowel kleine werkgevers als (middel)grote werkgevers vaststellen. Het verschil tussen de hoog en lage premie mag maximaal 2 procentpunt bedragen.
Per saldo betekent dit dat de Aof-premie voor kleine werkgevers waarschijnlijk met ongeveer 1,0%-punt daalt. Voor (middel)grote werkgevers stijgt de Aof-premie met ca. 0,1%-punt. Omdat werkgevers nu een uniforme Aof-premie betalen bedraagt het verschil in premie tussen kleine en (middel)grote werkgevers bedraagt in 2022 waarschijnlijk ca. 1,1%-punt.

Kleine werkgevers kunnen het premievoordeel gebruiken om zich goed te verzekeren via bijvoorbeeld de MKB-verzuimontzorgverzekering, die het financiële risico van loondoorbetaling bij ziekte afdekt en de kleine werkgever helpt bij de verplichtingen en taken rondom loondoorbetaling bij ziekte, waarmee zij dus ook ontzorgd kunnen worden.

UWV berekent in welke categorie de werkgever hoort (klein of (middel-)groot). Dit geeft UWV door aan de Belastingdienst. De Belastingdienst stuurt voor de gedifferentieerde premie Whk aan kleine werkgevers een mededeling en aan (middel)grote werkgevers een beschikking. Daarin wordt ook aangeven of een werkgever voor het Aof klein of (middel)groot is.

Over uitkeringen op grond van de werknemersverzekeringen die door/via de werkgever worden betaald wordt in alle gevallen de premie voor (middel)grote werkgevers geheven. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt of de werkgever de uitkering namens UWV of in de hoedanigheid van eigenrisicodrager betaalt.

Het is de bedoeling dat de nieuwe wetgeving op 1 januari 2022 ingaat.

0 reacties