Home / Nieuws / Effecten aanpassing transitievergoeding berekend
vrijdag 10 november 2017

Effecten aanpassing transitievergoeding berekend

De kabinetsplannen om de transitievergoeding aan te passen, hebben voor werkgevers zowel kostenverhogende als kostenverlagende effecten. Voor de individuele werkgever zullen de effecten afhangen van de leeftijd en diensttijd van zijn medewerkers.

Het nieuwe kabinet is van plan om de opbouw van de transitievergoeding op een aantal punten aan te passen:
1. werknemers krijgen vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op een transitievergoeding in plaats van na twee jaar
2. de hogere opbouw na een dienstverband van 10 jaar of langer komt te vervallen: voor elk jaar gaat de transitievergoeding een derde maandsalaris bedragen
3. de overgangsregeling voor 50-plussers blijft tot 2020 gehandhaafd (de hogere vergoeding bij een dienstverband van 10 jaar of meer).
Ook op de volgende punten wijzigt de transitievergoedingsregeling:
4. compensatie voor de werkgever voor de betaalde transitievergoeding bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst na langdurige arbeidsongeschiktheid
5. de mogelijkheid om bij cao van de transitievergoeding af te wijken (alleen mogelijk bij ontslag om bedrijfseconomische redenen)
6. de mogelijkheid om scholingskosten in mindering te brengen op de transitievergoeding
7. de overbruggingsregeling voor kleine werkgevers
8. de situatie waarin een werkgever zijn bedrijf beëindigt wegens pensionering of ziekte.

Voor de wijzigingen vermeld onder 4 en 5 (compensatie en afwijkingsmogelijkheid) was reeds in maart 2017 door de toenmalige minister van SZW een wetsvoorstel ingediend. Het huidige kabinet handhaaft dit voorstel.
Voor de overige wijzigingen was tijdens het schrijven van deze notitie, begin november 2017, nog geen wetsvoorstel ingediend. Wanneer dit gaat komen is nog onbekend, maar logischerwijs zal dat niet eerder dan in 2018 het geval zijn.

De kabinetsplannen om de transitievergoeding aan te passen hebben voor werkgevers zowel kostenverhogende als kostenverlagende effecten. Voor de individuele werkgever zullen de effecten afhangen van de leeftijd en diensttijd van zijn medewerkers. De tabel hieronder geeft een overzicht van de effecten op de transitievergoeding wanneer:
1. werknemers vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht krijgen op een transitievergoeding in plaats van na twee jaar
2. de hogere opbouw na een dienstverband van langer 10 jaar of langer komt te vervallen: voor elk jaar gaat de transitievergoeding een derde maandsalaris bedragen
3. de overgangsregeling voor 50-plussers blijft gehandhaafd.
De horizontale regel in de tabel geeft het aantal dienstjaren aan. Leeftijd wordt weergegeven in de verticale kolom.

Transitievergoeding in 2020 bij gewijzigd beleid

Voorbeeld 1: voor een 20-jarige medewerker met 2 dienstjaren hebben de kabinetsplannen geen effect op de transitievergoeding (=100).
Voorbeeld 2: voor een 40-jarige medewerker met 13 dienstjaren leiden de kabinetsplannen tot een verlaging van zijn transitievergoeding met 10% (=90).
De met rood gearceerde kolom geeft aan dat werknemers vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht krijgen op een transitievergoeding in plaats van na twee jaar.
Het met geel gearceerde deel van de tabel laat zien wanneer de kabinetsplannen negatieve gevolgen hebben voor de hoogte van de transitievergoeding. Het maximale effect is -25% en geldt voor werknemers van 47-50 jaar met betrekkelijk veel dienstjaren (ca. 30 dienstjaren).

Voor de vergelijkbaarheid is in de volgende tabel de gevolgen weergegeven van de ongewijzigd voortzetting van de transitievergoeding. De tabel geeft een overzicht van de effecten op de transitievergoeding wanneer:
1. werknemers pas na twee jaar na het begin van hun arbeidsovereenkomst recht krijgen op een transitievergoeding
2. de hogere opbouw na een dienstverband van 10 jaar of langer blijft gehandhaafd
3. de overgangsregeling voor 50-plussers in 2020 vervalt.

Voorbeeld 1: medewerkers met minder dan 2 dienstjaren hebben geen recht op de transitievergoeding.
Voorbeeld 2: voor een 55-jarige medewerker met 10 dienstjaren leidt ongewijzigd voortzetting van de transitievergoeding tot een verlaging van zijn uitkering met de helft (=50%).