Home / Nieuws / Aanvraagprocedure kennismigranten anders per 1 januari 2019
woensdag 09 januari 2019

Aanvraagprocedure kennismigranten anders per 1 januari 2019

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft op haar website een aantal wijzigingen gepubliceerd over de aanvraag van verblijfsvergunningen voor kennismigranten. Hierna lichten wij er enkele toe.

Antecedentenverklaring
Gewoonlijk moet met een aanvraag om een verblijfsvergunning een door de werknemer ondertekende antecedentenverklaring worden meegestuurd, waarin de werknemer aangeeft dat hij zich altijd goed heeft gedragen. Vanaf 1 januari 2019 vervalt deze verplichting en maakt de antecedentenverklaring onderdeel uit van de eigen verklaring van de erkend referent. In beginsel hoeft de antecedentenverklaring dus niet meer bij de verblijfsaanvraag te worden overgelegd. De erkend referent moet de ingevulde en ondertekende antecedentenverklaring wél in de eigen administratie bewaren. Voor gezinsleden van de kennismigrant blijft de verplichting van het meesturen van de antecedentenverklaring wel bestaan.

Kennisgevingsbrief wordt besluit
Per 1 januari 2019 wordt de kennisgevingsbrief van de IND, waarin wordt aangegeven dat de kennismigrant wel of niet mag werken, vervangen door een besluit. Voorheen werd er vanuit gegaan dat enkel de afgifte van de verblijfspas het besluit was dat de kennismigrant in Nederland mocht werken. Tegen een besluit kan bezwaar en beroep worden aangetekend.

Tenaamstelling automatische incasso
De laatste tijd is er onduidelijkheid ontstaan over de manier waarop de tenaamstelling van de erkend referent op het formulier automatische incasso plaats moet vinden. Om dit te verduidelijken, geeft de IND aan dat altijd de juiste informatie op het automatisch incassoformulier moet worden ingevuld. Op de automatische incasso moet o.a worden vermeld:

– De volledige, zoals in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel geregistreerde, statutaire naam van de rekeninghouder;
– Het bijbehorende IBAN.

Als deze gegevens niet overeenkomen, kan de IND de leges niet innen. Dit zorgt voor onnodige vertraging bij de afhandeling van de aanvraag, omdat dan weer contact moet worden opgenomen met de erkend referent of zijn gemachtigde.