Home / Kenmerken van een arbeidsovereenkomst

Kenmerken van een arbeidsovereenkomst

Logo AWVN-werkgeverslijnOm een overeenkomst als arbeidsovereenkomst aan te merken, moet deze aan vier eisen voldoen:
• de werknemer is verplicht het afgesproken werk persoonlijk te verrichten
• de werkgever is verplicht loon te betalen
• de werkgever oefent gezag uit over de werknemer (gezagsverhouding)
• de werknemer verricht de arbeid gedurende zekere tijd.

Bij beantwoording van de vraag of een overeenkomst een arbeidsovereenkomst is, zijn bovengenoemde elementen doorslaggevend. Met andere woorden, als (I) de werknemer persoonlijk de arbeid verricht, (II) de werkgever verplicht is loon te betalen, (III) de werkgever gezag uitoefent over de werknemer en (IV) de werknemer de arbeid gedurende zekere tijd verricht, dan is er in beginsel sprake van een arbeidsovereenkomst met alle rechtsgevolgen van dien. Daarnaast is ook de bedoeling van partijen bij het aangaan van de overeenkomst van belang.

Van de vier elementen is de gezagsverhouding het meest onderscheidende criterium. Tegelijkertijd is dit in het algemeen het meest lastige om vast te stellen. Een gezagsverhouding is in beginsel aanwezig als de werknemer verplicht is om aanwijzingen van de werkgever op te volgen en moet werken op overeengekomen tijden. Hij is in dat geval niet vrij om naar eigen goeddunken te komen of te gaan, een ander in zijn plaats te sturen of in het geheel niet op het werk te verschijnen.
Voor het aanwezig zijn van een gezagsverhouding is overigens niet noodzakelijk dat daadwerkelijk aanwijzingen en instructies over de werkinhoud worden gegeven, voldoende is dat dergelijke aanwijzingen kunnen worden gegeven.

Als in een arbeidsverhouding één van bovenstaande elementen ontbreekt, is geen sprake van een arbeidsovereenkomst.
De vraag of sprake is van een arbeidsovereenkomst is vooral van belang vanwege de op de arbeidsovereenkomst van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Denk bijvoorbeeld aan het ontslagrecht en een eventueel aanwezige cao.

Ter bescherming van degene die arbeid verricht, is wettelijk vastgesteld dat iemand die gedurende een periode van drie opeenvolgende maanden wekelijks of tenminste 20 uur per maand tegen betaling arbeid verricht, wordt vermoed werkzaam te zijn op basis van een arbeidsovereenkomst (‘rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst’). Het is in dat geval aan de werkgever om te bewijzen dat er daar geen sprake van is.

Bron Handboek arbeidsovereenkomst, AWVN, 2016