Home / AWVN-agenda / workshop / Internationale arbeidsmobiliteit: arbeidsrecht en -voorwaarden
Van der Valk hotel HoutenVan der Valk hotel Houten, donderdag 12 april 2018

Internationale arbeidsmobiliteit: arbeidsrecht en -voorwaarden

Arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden: derde workshop van de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit (voorjaar 2018).

De drie meest voorkomende vormen van internationaal werken zijn: de zakenreis (meestal korter dan een maand), de korte uitzending (meestal één tot twaalf maanden; gezinsleden gaan in principe niet mee) en de lange expatuitzending (vanaf twaalf maanden tot maximaal vijf jaar; gezinsleden gaan in principe mee). Deze drie vormen zijn meestal opgenomen in het uitzendbeleid van het bedrijf.
Verschillende vormen van internationaal werken zijn meestal opgenomen in het uitzendbeleid van het bedrijf.
De workshop gaat in op o.a. de contractuele relatie, soorten uitzendcontracten en het van toepassing zijnde arbeidsrecht op basis van de EVO-verordening. Voorts is er aandacht voor de vraag of er een cao van toepassing is, welke arbeidsvoorwaarden gewoonlijk van toepassing zijn en tot welk niveau, de bevoegdheid van de rechter in grensoverschrijdende arbeidsrechtelijke geschillen en de bijzondere positie van grensarbeiders in sociale plannen.
Binnen de Europese Unie moeten werkgevers rekening houden met de Detacheringsrichtlijn, die in Nederland onlangs is omgezet in de WagwEU (Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie, de opvolger van de Wet Arbeidsvoorwaarden Grensoverschrijdende Arbeid (WAGA).

De procedures rond internationale arbeidsmobiliteit zijn ingewikkeld en omslachtig. Om werkgevers die werknemers uitzenden of buitenlandse werknemers inhuren behulpzaam te zijn, heeft AWVN de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit (IAM) ontwikkeld. De cyclus bestaat uit vijf workshops.

Toegankelijk voor zowel leden als niet-leden. Leden betalen een gereduceerd tarief.

  • Over de workshopcyclus

    De procedures rond internationale arbeidsmobiliteit zijn ingewikkeld en omslachtig. Om werkgevers die werknemers uitzenden of buitenlandse werknemers inhuren behulpzaam te zijn, heeft AWVN de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit (IAM) ontwikkeld. De cyclus bestaat uit vijf – afzonderlijk te volgen – workshops:

    1. Arbeidsmigratierecht
    2. Sociale verzekeringen
    3. Arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden
    4. Belastingrecht
    5. Pensioen

    Na afloop van de hele cyclus weet u welke acties nodig zijn als u werknemers uitzendt of buitenlandse werknemers inhuurt – dat maakt deze uitgebreide workshopcyclus uniek in Nederland. Bij inschrijving voor de hele workshopcyclus geven de cursusleiders u de mogelijkheid om in een persoonlijk gesprek uw vragen te stellen over het bestaande of te ontwikkelen internationaal uitzendbeleid en het expatcontract.

    Workshop 1: arbeidsmigratierecht
    Deze workshop gaat in op het toelatingsbeleid van Nederland. Speciale aandacht is er voor die situaties waarin geen vergunningen nodig zijn. Ook komt het onderscheid tussen kennis- en arbeidsmigranten en de daarbij behorende aanvraagprocedures aan de orde. Voorts staan op het programma: het notificeren bij tijdelijke dienstverlening binnen de EU, de identificatieplicht en het voorkomen van illegale tewerkstelling en het zogeheten modern migratiebeleid: hoe snel kan een werknemer legaal aan de slag in Nederland? Aan het eind van de workshop zijn deelnemers in staat om:
    • te beoordelen of het nodig is een verblijfs- en/of tewerkstellingsvergunning aan te vragen
    • een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning, o.a. op basis van een intra-company transfer, bij het UWV in te dienen
    • een aanvraag om een vergunning als kennismigrant in te dienen bij de IND.

    Workshop 2: sociale verzekeringen
    Nederland heeft inmiddels met meer dan 45 landen een sociaal-zekerheidsverdrag afgesloten. Deze workshop gaat in op de verschillen tussen verdragssituaties en niet-verdragssituaties. Bij verdragssituaties is er de keuze tussen toepassing van het werklandbeginsel of detachering. Bij niet-verdragssituaties dient eerst vastgesteld te worden of de Nederlandse sociale verzekering ophoudt bij tewerkstelling in het buitenland, daarna komt vrijwillige of particuliere verzekering ter sprake.

    Workshop 3: arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden
    De drie meest voorkomende vormen van internationaal werken zijn: de zakenreis (meestal korter dan een maand), de korte uitzending (meestal één tot twaalf maanden; gezinsleden gaan in principe niet mee) en de lange expatuitzending (vanaf twaalf maanden tot maximaal vijf jaar; gezinsleden gaan in principe mee). Deze drie vormen zijn meestal opgenomen in het uitzendbeleid van het bedrijf. Deze workshop gaat in op o.a. de contractuele relatie, soorten uitzendcontracten en het van toepassing zijnde arbeidsrecht op basis van de EVO-verordening. Voorts is er aandacht voor de vraag of er een cao van toepassing is, welke arbeidsvoorwaarden gewoonlijk van toepassing zijn en tot welk niveau, de bevoegdheid van de rechter in grensoverschrijdende arbeidsrechtelijke geschillen en de bijzondere positie van grensarbeiders in sociale plannen. Binnen de Europese Unie moeten werkgevers rekening houden met de Detacheringsrichtlijn, die in Nederland onlangs is omgezet in de WagwEU (Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie, de opvolger van de Wet Arbeidsvoorwaarden Grensoverschrijdende Arbeid (WAGA).

    Workshop 4: belastingrecht
    Nederland heeft met een groot aantal landen verdragen ter voorkoming van dubbele belasting gesloten. Bij het uit- en inlenen van personeel is het steeds zaak om na te gaan of er een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting aanwezig is en, zo ja, wat dit verdrag ten aanzien van het land waar loonbelasting moet worden afgedragen. Als er een belastingverdrag van kracht is, dan kan eventueel na verloop van een bepaalde periode de heffingsbevoegdheid van het woonland naar het werkland overgaan. In verdragsloze situaties gelden weer andere regelingen.
    Tijdens deze workshop gaan we onder andere in op de definitie van inwonerschap, het verschil tussen belastingheffing in verdragssituaties en verdragsloze situaties, de 30%-regeling voor ingekomen en uitgezonden werknemers, voor- en nadelen bij een fictieve binnenlandse belastingplicht en het materiële werkgeverschap. Ook komt de techniek van de salary split ter sprake en worden de internationale aspecten van de werkkostenregeling besproken.

    Workshop 5: pensioen
    Bij het in- en uitzenden van personeel zijn er vaak vragen over het pensioen: voortzetten of niet? Tijdens deze workshop komt (’s ochtends) aan de orde hoe u het Nederlandse pensioen van uitgezonden werknemers kunt voortzetten, en andersom hoe u het pensioen van tijdelijk in Nederland werkende expats eventueel kunt continueren. ’s Middags staat een multidisciplinaire casus op het programma. Aan de hand van een aantal casusposities worden de verschillende onderdelen van de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit met elkaar verbonden. Het is een verkorte weergave van de workshopcyclus. Onder begeleiding van de docenten oefent u nog één keer met de stof uit de verschillende onderdelen van de cyclus.

    Workshop 1: arbeidsmigratierecht
    Deze workshop gaat in op het toelatingsbeleid van Nederland. Speciale aandacht is er voor die situaties waarin geen vergunningen nodig zijn. Ook komt het onderscheid tussen kennis- en arbeidsmigranten en de daarbij behorende aanvraagprocedures aan de orde. Voorts staan op het programma: het notificeren bij tijdelijke dienstverlening binnen de EU, de identificatieplicht en het voorkomen van illegale tewerkstelling en het zogeheten modern migratiebeleid: hoe snel kan een werknemer legaal aan de slag in Nederland? Aan het eind van de workshop zijn deelnemers in staat om:
    • te beoordelen of het nodig is een verblijfs- en/of tewerkstellingsvergunning aan te vragen
    • een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning, o.a. op basis van een intra-company transfer, bij het UWV in te dienen
    • een aanvraag om een vergunning als kennismigrant in te dienen bij de IND.

    Workshop 2: sociale verzekeringen
    Nederland heeft inmiddels met meer dan 45 landen een sociaal-zekerheidsverdrag afgesloten. Deze workshop gaat in op de verschillen tussen verdragssituaties en niet-verdragssituaties. Bij verdragssituaties is er de keuze tussen toepassing van het werklandbeginsel of detachering. Bij niet-verdragssituaties dient eerst vastgesteld te worden of de Nederlandse sociale verzekering ophoudt bij tewerkstelling in het buitenland, daarna komt vrijwillige of particuliere verzekering ter sprake.

    Workshop 3: arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden
    De drie meest voorkomende vormen van internationaal werken zijn: de zakenreis (meestal korter dan een maand), de korte uitzending (meestal één tot twaalf maanden; gezinsleden gaan in principe niet mee) en de lange expatuitzending (vanaf twaalf maanden tot maximaal vijf jaar; gezinsleden gaan in principe mee). Deze drie vormen zijn meestal opgenomen in het uitzendbeleid van het bedrijf. Deze workshop gaat in op o.a. de contractuele relatie, soorten uitzendcontracten en het van toepassing zijnde arbeidsrecht op basis van de EVO-verordening. Voorts is er aandacht voor de vraag of er een cao van toepassing is, welke arbeidsvoorwaarden gewoonlijk van toepassing zijn en tot welk niveau, de bevoegdheid van de rechter in grensoverschrijdende arbeidsrechtelijke geschillen en de bijzondere positie van grensarbeiders in sociale plannen. Binnen de Europese Unie moeten werkgevers rekening houden met de Detacheringsrichtlijn, die in Nederland onlangs is omgezet in de WagwEU (Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie, de opvolger van de Wet Arbeidsvoorwaarden Grensoverschrijdende Arbeid (WAGA).

    Workshop 4: belastingrecht
    Nederland heeft met een groot aantal landen verdragen ter voorkoming van dubbele belasting gesloten. Bij het uit- en inlenen van personeel is het steeds zaak om na te gaan of er een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting aanwezig is en, zo ja, wat dit verdrag ten aanzien van het land waar loonbelasting moet worden afgedragen. Als er een belastingverdrag van kracht is, dan kan eventueel na verloop van een bepaalde periode de heffingsbevoegdheid van het woonland naar het werkland overgaan. In verdragsloze situaties gelden weer andere regelingen.
    Tijdens deze workshop gaan we onder andere in op de definitie van inwonerschap, het verschil tussen belastingheffing in verdragssituaties en verdragsloze situaties, de 30%-regeling voor ingekomen en uitgezonden werknemers, voor- en nadelen bij een fictieve binnenlandse belastingplicht en het materiële werkgeverschap. Ook komt de techniek van de salary split ter sprake en worden de internationale aspecten van de werkkostenregeling besproken.

    Workshop 5: pensioen
    Bij het in- en uitzenden van personeel zijn er vaak vragen over het pensioen: voortzetten of niet? Tijdens deze workshop komt (’s ochtends) aan de orde hoe u het Nederlandse pensioen van uitgezonden werknemers kunt voortzetten, en andersom hoe u het pensioen van tijdelijk in Nederland werkende expats eventueel kunt continueren. ’s Middags staat een multidisciplinaire casus op het programma. Aan de hand van een aantal casusposities worden de verschillende onderdelen van de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit met elkaar verbonden. Het is een verkorte weergave van de workshopcyclus. Onder begeleiding van de docenten oefent u nog één keer met de stof uit de verschillende onderdelen van de cyclus.

    Workshop 1: arbeidsmigratierecht
    Deze workshop gaat in op het toelatingsbeleid van Nederland. Speciale aandacht is er voor die situaties waarin geen vergunningen nodig zijn. Ook komt het onderscheid tussen kennis- en arbeidsmigranten en de daarbij behorende aanvraagprocedures aan de orde. Voorts staan op het programma: het notificeren bij tijdelijke dienstverlening binnen de EU, de identificatieplicht en het voorkomen van illegale tewerkstelling en het zogeheten modern migratiebeleid: hoe snel kan een werknemer legaal aan de slag in Nederland? Aan het eind van de workshop zijn deelnemers in staat om:
    • te beoordelen of het nodig is een verblijfs- en/of tewerkstellingsvergunning aan te vragen
    • een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning, o.a. op basis van een intra-company transfer, bij het UWV in te dienen
    • een aanvraag om een vergunning als kennismigrant in te dienen bij de IND.

    Workshop 2: sociale verzekeringen
    Nederland heeft inmiddels met meer dan 45 landen een sociaal-zekerheidsverdrag afgesloten. Deze workshop gaat in op de verschillen tussen verdragssituaties en niet-verdragssituaties. Bij verdragssituaties is er de keuze tussen toepassing van het werklandbeginsel of detachering. Bij niet-verdragssituaties dient eerst vastgesteld te worden of de Nederlandse sociale verzekering ophoudt bij tewerkstelling in het buitenland, daarna komt vrijwillige of particuliere verzekering ter sprake.

    Workshop 3: arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden
    De drie meest voorkomende vormen van internationaal werken zijn: de zakenreis (meestal korter dan een maand), de korte uitzending (meestal één tot twaalf maanden; gezinsleden gaan in principe niet mee) en de lange expatuitzending (vanaf twaalf maanden tot maximaal vijf jaar; gezinsleden gaan in principe mee). Deze drie vormen zijn meestal opgenomen in het uitzendbeleid van het bedrijf. Deze workshop gaat in op o.a. de contractuele relatie, soorten uitzendcontracten en het van toepassing zijnde arbeidsrecht op basis van de EVO-verordening. Voorts is er aandacht voor de vraag of er een cao van toepassing is, welke arbeidsvoorwaarden gewoonlijk van toepassing zijn en tot welk niveau, de bevoegdheid van de rechter in grensoverschrijdende arbeidsrechtelijke geschillen en de bijzondere positie van grensarbeiders in sociale plannen. Binnen de Europese Unie moeten werkgevers rekening houden met de Detacheringsrichtlijn, die in Nederland onlangs is omgezet in de WagwEU (Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie, de opvolger van de Wet Arbeidsvoorwaarden Grensoverschrijdende Arbeid (WAGA).

    Workshop 4: belastingrecht
    Nederland heeft met een groot aantal landen verdragen ter voorkoming van dubbele belasting gesloten. Bij het uit- en inlenen van personeel is het steeds zaak om na te gaan of er een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting aanwezig is en, zo ja, wat dit verdrag ten aanzien van het land waar loonbelasting moet worden afgedragen. Als er een belastingverdrag van kracht is, dan kan eventueel na verloop van een bepaalde periode de heffingsbevoegdheid van het woonland naar het werkland overgaan. In verdragsloze situaties gelden weer andere regelingen.
    Tijdens deze workshop gaan we onder andere in op de definitie van inwonerschap, het verschil tussen belastingheffing in verdragssituaties en verdragsloze situaties, de 30%-regeling voor ingekomen en uitgezonden werknemers, voor- en nadelen bij een fictieve binnenlandse belastingplicht en het materiële werkgeverschap. Ook komt de techniek van de salary split ter sprake en worden de internationale aspecten van de werkkostenregeling besproken.

    Workshop 5: pensioen
    Bij het in- en uitzenden van personeel zijn er vaak vragen over het pensioen: voortzetten of niet? Tijdens deze workshop komt (’s ochtends) aan de orde hoe u het Nederlandse pensioen van uitgezonden werknemers kunt voortzetten, en andersom hoe u het pensioen van tijdelijk in Nederland werkende expats eventueel kunt continueren. ’s Middags staat een multidisciplinaire casus op het programma. Aan de hand van een aantal casusposities worden de verschillende onderdelen van de workshopcyclus Internationale arbeidsmobiliteit met elkaar verbonden. Het is een verkorte weergave van de workshopcyclus. Onder begeleiding van de docenten oefent u nog één keer met de stof uit de verschillende onderdelen van de cyclus.

  • Voor wie?

    De workshops zijn voor iedereen die met internationale arbeidsmobiliteit te maken heeft: HR-medewerkers, medewerkers P&O, expatmanagers en hoofden personeelszaken, salarisadministrateurs, relocation medewerkers en adviseurs internationale uitzending.

  • Kosten

    Duur
    Een dag (10.00 – 17.00 uur).

    Kosten
    Prijs hele cyclus € 2.750 (leden AWVN), € 3.450 (niet-leden AWVN).
    Prijs per workshop € 750 (leden AWVN), € 975 (niet-leden AWVN).

  • Accreditatie workshopcyclus

    De workshopcyclus Internationale Arbeidsmobiliteit (IAM) van AWVN is geaccrediteerd door de NIRPA, het Nederlands Instituut van Register Payroll Accounting, en door het RB (Register Belastingadviseurs). Deelname aan een workshop levert 86 NIRPA-punten op of 5,5 RB-punten.

  • Inschrijven

    Dit formulier kunt u alleen invullen als u ingelogd bent.
    Login

    Geen account? Als u zich laat registreren, krijgt u voorlopig toegang tot deze site zodat u het formulier kunt invullen.
    Registratie