Pensioen

Een overzicht van de belangrijke wijzigingen op dit beleidsterrein.

• AOW-leeftijd
In 2016 treedt het wetsvoorstel versnelde verhoging AOW-leeftijd in werking. Dat betekent dat vanaf 2016 een versnelling in de stapsgewijze verhoging van de AOW-leeftijd als gevolg van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd. De AOW-leeftijd gaat naar 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Vervolgens wordt de AOW-leeftijd vanaf 2022 gekoppeld aan de levensverwachting.

Overbruggingsregeling
Tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel versnelde verhoging AOW-leeftijd in de Tweede Kamer zijn twee moties aangenomen die als doel hebben de overbruggingsregeling (OBR) uit te breiden en te verlengen. De regering voert beide moties uit. Ten eerste wordt de OBR uitgebreid voor mensen die tussen 1 januari 2013 en 1 juli 2015 met vroegpensioen zijn gegaan. De OBR overbrugt voor deze groep alleen het AOW-gat voor zover dat het gevolg is van de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd omdat deze groep zich niet op die versnelling heeft kunnen voorbereiden. Ten tweede wordt de looptijd van de OBR verlengd tot 1 januari 2023. Hierdoor zullen alle mensen die vóór 1 juli 2015 met VUT- of prepensioen zijn gegaan en vóór 1 januari 2023 de leeftijd van 65 jaar bereiken, onder de werkingssfeer van de OBR vallen.

Kostendelersnorm AOW
Het kabinet heeft besloten de invoering van de kostendelersnorm in de AOW uit te stellen van 1 juli 2016 naar 1 januari 2018.

Toekomst pensioenstelsel
In 2016 worden, zoals vermeld bij brief van 6 juli 2015, vervolgstappen gezet voor de uitwerking van de hoofdlijnen voor een toekomstbestendig pensioenstelsel. Deze worden geconcretiseerd in een dit najaar aan de Tweede Kamer aan te bieden werkprogramma. Deze gaat in elk geval in op de thema’s waarop nader onderzoek nodig is en op het streven van het kabinet om vanaf 2020 de doorsneesystematiek gefaseerd af te schaffen en over te stappen naar een actuarieel correcte methodiek van pensioenopbouw. Aan de hand van dit werkprogramma zal het kabinet het overleg starten met belanghebbenden, zoals pensioenfondsen, verzekeraars, sociale partners, toezichthouders en andere maatschappelijke organisaties.

Algemeen pensioenfonds
Het is de bedoeling dat op 1 januari 2016 het wetsvoorstel algemeen pensioenfonds in werking treedt. Het algemeen pensioenfonds maakt een nieuwe vorm van bundeling in de uitvoering van pensioenregelingen mogelijk.

Optimalisering premieovereenkomst
Het streven is eind 2015 een wetsvoorstel in te dienen dat tot doel heeft met premieregelingen een beter verwacht pensioenresultaat te kunnen realiseren door deelnemers niet langer te verplichten op de pensioendatum hun opgebouwde pensioenvermogen ineens om te zetten in een vaste uitkering. Het conceptwetsvoorstel variabele pensioenuitkering is op 13 juli 2015 voor internetconsultatie gepubliceerd. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 juli 2016. In de aanloop naar de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel is per 8 juli 2015 tijdelijk de Regeling pensioenknip opnieuw ingevoerd. Deze maakt het mogelijk om bij premie- en kapitaalovereenkomsten de pensioenuitkering op de ingangsdatum te splitsen in een direct ingaande tijdelijke uitkering en een daarop aansluitende levenslange uitkering.

Bevoegdheden ondernemingsraden inzake pensioen
Met een in het najaar van 2015 in te dienen wetsvoorstel zal worden geregeld dat ondernemingsraden meer invloed krijgen op bepaalde afspraken over pensioenen in hun bedrijf. Het instemmingsrecht van de OR voor pensioenen wordt daarmee verder uitgebreid. Een advies van de SER vormt de leidraad voor de aanpassingen van de huidige wetgeving. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 juli 2016.

Bescherming pensioenopbouw zelfstandigen
Het streven is per 1 januari 2016 het wetsvoorstel vrijlating lijfrenteopbouw en inkomsten uit arbeid en bevordering vrijwillige voortzetting pensioenopbouw in werking te laten treden. Voor de onderdelen van dit wetvoorstel die betrekking hebben op de pensioenen is dit een uitwerking van in het Witteveenakkoord van december 2013 neergelegde afspraken over de verbetering van de positie van zelfstandigen.

Wet pensioencommunicatie
Met deze wet worden pensioenuitvoerders ertoe aangezet de deelnemers eerlijk en realistisch te informeren over hun pensioen en de risico’s die daaraan zijn verbonden. Deze wet kent een gefaseerde inwerkingtreding; een aantal onderdelen is reeds op 1 juli 2015 inwerking getreden. Op 1 januari 2016 gelden nieuwe eisen rond het uniforme pensioenoverzicht (UPO), zodat dat korter en begrijpelijker wordt. Op 1 juli 2016 moeten pensioenuitvoerders het nieuwe communicatie-instrument 'Pensioen 1-2-3' (de nieuwe startbrief) aanbieden, waarmee op hoofdlijnen inzicht wordt gegeven in de belangrijkste kenmerken van de pensioenregelingen. Vanaf deze datum geldt tevens de verplichting om bepaalde informatie beschikbaar te stellen op de website van de pensioenuitvoerder.

Henri Lepoutre
AWVN, adviesunit Pensioen