Knelpunten nieuw Dagloonbesluit

22-09-2015

Naar aanleiding van vragen van Kamerleden heeft minister Asscher (SZW) de Tweede Kamer in een brief van geïnformeerd over drie knelpunten die spelen in het nieuwe Dagloonbesluit dat per 1 juli 2015 inwerking is getreden.

Het eerste punt betreft de herleving oude WW-rechten. De invoering van inkomstenverrekening in de WW heeft in principe alleen betrekking op nieuwe WW-uitkeringen. Op deze regel bestaat één uitzondering. Wanneer er een oud WW-recht loopt en er ontstaat na 1 juli 2015 een nieuw WW-recht, dan wordt het oude recht geconverteerd naar de nieuwe systematiek. Deze systematiek geldt ook in de situatie dat er niet een oud WW-recht loopt, maar dat een oud WW-recht herleeft. Daarnaast kan er een nieuw WW-recht ontstaan, indien aan de voorwaarden is voldaan. Vanwege dat nieuwe WW-recht dient het oude herleefde WW-recht te worden geconverteerd. Omdat niet volledig duidelijk was hoe in deze bijzondere situatie van het tegelijk ontstaan van een nieuw recht en het herleven van een oud recht moest worden gehandeld, heeft het UWV voor deze situatie in eerste instantie alleen een nieuw WW-recht toegekend en deze gevallen bovendien geregistreerd. Inmiddels bestaat die duidelijkheid wel, zodat het UWV spoedig tot vaststelling van de herleefde, oude uitkeringen zal overgaan. Voor uitkeringen die na 1 oktober aanstaande ontstaan, zal de voorgenoemde situatie direct in het proces ingeregeld zijn.

In het dagloonbesluit was een wijziging opgenomen met betrekking tot de WW-dagloonbepaling van langdurig zieke werknemers. Dit moest ervoor zorgen dat werknemers die recht hebben op loondoorbetaling bij ziekte en werknemers die recht hebben op een ZW-uitkering op dezelfde wijze worden behandeld, wanneer zij later een beroep doen op de WW. Nu is echter gebleken dat in deze situaties het moment van intreden van het arbeidsurenverlies verschilt: bij een ZW-uitkering treedt dat in op het moment van aanvang van die uitkering en bij loondoorbetaling na einde van de loondoorbetalingsperiode. Daardoor worden deze situaties nog steeds niet gelijk behandeld. De minister geeft in de brief aan dat hij daarom het Dagloonbesluit zal wijzigen. Deze wijziging zal in deze situaties over het algemeen tot een hoger dagloon leiden.

Met betrekking tot de dagloonbepaling voor starters en herintreders heeft de minister in een eerdere brief (van 18 augustus) aangegeven wat zijn motivering was voor het niet herintroduceren van een startersbepaling in het dagloonbesluit. Het ontbreken van de startersbepaling heeft effect op circa 2 tot 3 procent van de WW-toekenningen. Dit effect lijkt groter dan eerder voorzien, daarom wil de minister in overleg met sociale partners en het UWV mogelijke alternatieven bekijken. De minister zal de Tweede Kamer hier nog voor de begrotingsbehandeling over informeren.

Jan Mathies (AWVN)
Download de brief van de minister van SZW (18 september)